CAO BEROEPSGOEDERENVERVOER OVER DE WEG 2012 PDF

0 Comment

(CAO Opleidings- en Ontwikkelingsfonds Beroepsgoederenvervoer). 73 .. As from 1 September , all temporary employment agencies or payroll .. Functiewaardering Beroepsgoederenvervoer over de weg en de verhuur van mobiele. Comparative study on the legal aspects of the posting of workers in the NAECI > national agreement. .. 31 Article 2 of the CAO voor het Beroepsgoederenvervoer over de weg en de. Beroepsvervoer over de Weg. (Industry-wide Road Haulage Pension Fund. Foundation). Page 2. Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor het Beroepsvervoer over de Weg In the Secretary of State indicated that the Pensions Act early retirement pension, the CAO (collective labour agreement ).

Author: Gardaramar Nigar
Country: Guinea
Language: English (Spanish)
Genre: Travel
Published (Last): 8 February 2011
Pages: 500
PDF File Size: 11.53 Mb
ePub File Size: 3.12 Mb
ISBN: 500-8-74924-223-1
Downloads: 29853
Price: Free* [*Free Regsitration Required]
Uploader: Bratilar

Voornoemde Detacheringsrichtlijn vormt een aanvulling op of invulling van art. Lagarde PBCblz. Daartoe wordt als volgt overwogen. In deze zaak is hoger beroep ingesteld. Het betreft immers een uitzendrelatie. In de WAGA, meer in het bijzonder in artikel 3 is in combinatie met artikel 2 lid 6 AVV verder neergelegd dat een aantal bepalingen uit een verbindend verklaarde cao eveneens op de hiervoor genoemde werknemers van toepassing zijn. Ook in [vestigingsplaats] is de staking uitgebroken, die alleen met [Transport] NL en niet met enige Pools bedrijf is uitgevochten.

FNV heeft echter niet zelfstandig gegriefd, zodat de door de kantonrechter afgegeven verklaring voor recht en gericht op en aldus beperkt tot de algemeen verbindend verklaarde CAOin stand dient te blijven. Derhalve zijn de dwingende bepalingen van het Nederlands arbeids recht ook op de arbeidsovereenkomsten tussen [Transport PL] en haar Poolse werknemers als aan [appellante] beschikbaar gesteld, van toepassing. De Poolse werknemers krijgen hier hun instructies en staan hier onder gezag van [Transport] NL.

Het hof stelt voorop dat vaststaat dat [appellante] noch [Transport PL] is aan te merken als een aangesloten werkgever in de zin van de CAO Beroepsgoederenvervoer. Gezien de datum van de inleidende dagvaarding en de behandeling in eerste aanleg gaat het daarbij voorshands in ieder geval om de periode 25 april tot 1 januari Strct77 Het hof merkt daarbij allereerst op dat de betreffende Poolse chauffeurs kennelijk in december bij [appellante] zijn vertrokken, terwijl niet duidelijk is of zij nadien nog zijn ingezet.

De grief slaagt niet. Wat daar verder van zij, het hof is niettemin van oordeel dat gezien de beperkte duur van de arbeidsovereenkomst tussen de Poolse chauffeurs en [Transport PL] 12 maanden gedurende welke tijd de betreffende werknemers uitsluitend werkzaam zijn voor [appellante] vooralsnog sprake is van een tijdelijkheid als bedoeld in de zin van artikel 1 WAGA, althans deze situatie dient daarmee uit het oogpunt van rechtsbescherming gelijk te worden gesteld. Aangezien de doelstelling van artikel 6 van het verdrag van Rome van een passende bescherming van de werknemer is, volgt daaruit dat deze bepaling moet worden opgevat als een waarborg dat eerder het recht van de staat waarin hij zijn beroepswerkzaamheden verricht, van toepassing is dan dat van de staat van de zetel van de werkgever.

ECLI:NL:GHSHECA, voorheen LJN CA, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, HD

Waar er sprake is van gebondenheid aan een aantal van de algemeen verbindend verklaarde bepalingen uit de betreffende CAO voor het Beroepsgoederenvervoer kan deze gebondenheid slechts gelden voor de periode s van algemeen verbindend verklaring.

Mede onder verwijzing naar de daarin vastgestelde feiten niet bestreden rov. FNV en haar leden lijden schade als gevolg van dit onrechtmatig handelen c. De kantonrechter is van oordeel dat deze vraag bevestigd dient te worden beantwoord. Voor ca geldt dit te meer nu er in de relatie tussen [appellante] en [Transport PL] sprake is van een intra concern uitlening van personeel en [Transport PL] een volledig van [appellante] afhankelijke vennootschap is.

  ACIM URTEXT PDF

Home Uitspraken en nieuws. Artikel 1 van de WAGA luidt als volgt: Voor zover het hof op grond van de stukken bekend is treedt [Transport PL] eigenlijk nimmer op als opdrachtgever voor internationaal transport.

Legal Study PWD

BROverig Rechtsgebieden Civiel recht Bijzondere kenmerken Hoger beroep Inhoudsindicatie Toepasselijkheid van Nederlands recht op de arbeidsverhouding tussen Poolse chauffeurs en een Pools uitzendbureau. Ongeacht artikel 3 kan de rechtskeuze van partijen in een arbeidsovereenkomst er niet toe leiden dat de werknemer de bescherming verliest welke hij geniet op grond van de dwingende bepalingen van het recht dat ingevolge het tweede lid van het onderhavige artikel bij gebreke van een rechtskeuze op hem van toepassing zou zijn.

De kantonrechter overweegt dat dit niet het geval is nu het hier een buitenlandse uitzendonderneming betreft die — gelet op de identiteit van de bestuurder — niet anders dan op de hoogte moet zijn van de hier te lande geldende regelgeving. Hiermee is nog niet gezegd dat de CAO van toepassing is op de rechtsverhouding tot in Polen wonende, in Europa werkende, uitzendkrachten van een Pools uitzendbureau.

Niet geheel duidelijk is wat FNV daarmee precies beoogt. Deze regelgeving brengt met zich mee dat [Transport PL] gehouden is de betreffende chauffeurs te belonen overeenkomstig de CAO Beroepsgoederenvervoer dan wel subsidiair de cao voor Uitzendkrachten. Direct naar inhoud Direct naar navigatiemenu.

Legal Study PWD

Daarbij dient wel te worden beseft dat het daarbij steeds moet gaan om bepalingen, die in vergelijking met de arbeidsvoorwaarden als overeengekomen in de oorspronkelijke arbeidsovereenkomst en het daarbij horende gekozen rechteen betere bescherming bieden aan de werknemer. Immers niet kan worden gezegd dat de betrokken chauffeurs onder deze omstandigheden gewoonlijk in Polen werkzaam zijn en daarnaar toe zullen terugkeren om hun “gewone” werkzaamheden te hervatten.

Nu de grieven grotendeels falen zal [appellante] als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van het beroep. Partijen hebben daarna de gedingstukken overgelegd en uitspraak gevraagd. Ook in artikel 7: Op grond hiervan oordeelt de kantonrechter dat, zou er geen rechtskeuze zijn gedaan, Nederlands recht van toepassing is omdat hier te lande het centrum van de werkzaamheden is.

Een dergelijke vordering kan uiteraard in beginsel alleen worden ingesteld tegen de werkgever die de bepalingen van die algemeen verbindend verklaarde CAO niet naleeft met betrekking tot de eigen werknemers lees: Dat wordt aanvaard dat op een dergelijke overeenkomst de aanknopingsregel van artikel 6, lid 2, sub a, moet worden toegepast, zou erop neerkomen dat de bepaling van lid 2, sub b, beroepsgoederenevrvoer uitgehold, die juist doelt op het geval waarin de werknemer niet gewoonlijk zijn arbeid in een en hetzelfde land verricht.

De artikelen tot en met,en lid 2 van Boek 7 oer het Burgerlijk Wetboek zijn van toepassing op werknemers, die tijdelijk in Nederland arbeid verrichten en wier arbeidsovereenkomst wordt beheerst door ander recht dan Nederlands recht. Bijgevolg moet de eerbiediging van de in het recht van dat land geldende voorschriften ter bescherming van de arbeid zo veel mogelijk worden gewaarborgd. Nederland is niet aan te merken als het land waar de betreffende chauffeurs hun werkzaamheden verrichten en evenmin het land van vestiging van de onderneming die de chauffeurs in dienst heeft genomen.

  DAVID BUSCH A57 PDF

De werknemer oefent zijn economische en sociale functie immers in eerstgenoemde staat uit en, zoals de advocaat-generaal in punt 50 van haar conclusie heeft beklemtoond, zijn arbeid ondergaat ook in die staat de invloed van het politieke en het bedrijfsklimaat.

Voor zover het oordeel van de kantonrechter anders dient te worden verstaan is dat oordeel onjuist. Met de grieven 5 tot en met 9 stelt [appellante] de vraag aan de orde of op de rechtsverhouding tussen [Transport PL] enerzijds en de bij haar [appellante] gedetacheerde Poolse chauffeurs wel enige bepalingen van Nederlands recht van toepassing zijn, zoals de kantonrechter heeft aangenomen, en zo ja welke.

Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis en het tussenvonnis van 26 januari In zoverre slaagt grief 3. De aandelen van deze vennootschap worden gehouden door de eveneens in [vestigingsplaats] gevestigde houdstervennootschap [houdstervennootschap], die tevens enig bestuurder is van [appellante].

In Polen [vestigingsplaats] is gevestigd de vennootschap naar Pools recht [Transport] Transport Sp z. Voorts bepaalt dit lid dat deze twee aanknopingscriteria niet van toepassing zijn wanneer uit het geheel der omstandigheden blijkt dat de arbeidsovereenkomst nauwer is verbonden met een ander land, in welk geval het recht van dat andere land toepasselijk is.

Uitspraken

Het daarbij na te streven doel is uit het oogpunt van concurrentie ook niet onrechtmatig en vormt op zich ook geen misbruik van het identiteitsverschil tussen beide nauw gelieerde vennootschappen. De in grief 10 door [appellante] genoemde omstandigheid dat er geen Nederlandse chauffeurs meer te vinden zouden zijn die dit werk zouden willen doen en beroepwgoederenvervoer dus van verdringing geen sprake is vormt – daargelaten de juistheid van de stelling – uiteraard geen reden om een afwijking van de dwingende regelgeving op dit gebied te kunnen rechtvaardigen.

Eveneens blijven buiten de beoordeling de door [appellante] in hoger beroep ingestelde vorderingen als hiervoor verwoord onder rov. Zij verricht vergunningsplichtig vervoer over de weg.

De kernbepaling van artikel 1 van de Wef kent in vergelijking met de Detacheringsrichtlijn beroepsgoederenvrvoer tweetal begrippen, die ruimer zijn dan hetgeen in voornoemde richtlijn is aangegeven, hetgeen door deze richtlijn ten gunste van de bescherming van werknemers wordt toegestaan zie considerans nr. Indien uit het geheel der omstandigheden blijkt dat de overeenkomst een kennelijk nauwere band heeft met een ander dan het in lid 2 of lid 3 bedoelde land, is het recht van dat andere land van toepassing.

De vraag die vervolgens dient te worden beantwoord is of, nu het hier een geval betreft waarin een Pools uitzendbureau werknemers als chauffeur met een arbeidsovereenkomst voor de duur van een jaar voor die periode ter beschikking stelt aan [appellante], dan niet veeleer de Wet arbeidsvoorwaarden grensoverschrijdende arbeid WAGA van toepassing is op een dergelijke situatie. FNV verbindt daaraan een veroordeling van [appellante] om zich na het vonnis ervan te vergewissen dat de hier bedoelde chauffeurs overeenkomstig die bepalingen door [Transport PL] worden beroepxgoederenvervoer.